Amsterdamse School

Amsterdamse School
In het begin van de 20e eeuw werd de woningwet aangenomen. Deze revolutionaire wet markeert het begin van de overheidsbemoeienis met het ontwerp van gebouwen. Waar eerst de bouw van woningen geheel vrij werd gelaten - met vele krotten, kelder- en zolderwoningen tot gevolg- daar konden nu concrete eisen worden gesteld aan de kwaliteit van nieuwe huisvesting. Overheid en woningbouwverenigingen sloegen de handen ineen om samen de eerste moderne sociale woningbouw neer te zetten. Door overheidsfinanciering en de socialistische  wens dat ook arbeiders recht hadden op een mooie leefomgeving , kreeg een groep architecten de kans om te experimenteren met een zeer vormenrijke en creatieve bouwstijl. Deze Amsterdamse School kan wel gezien worden als een reactie op het strakke, functionele design van Berlage.  

Vormenspel
Voor Berlage stond de constructie van het gebouw op de voorgrond met hier en daar een decoratief element, waar de constructie dat toeliet. Voor de architecten van de Amsterdamse School was de vorm echter allesbepalend. Een ontwerp werd dan ook vaak eerst in klei geboetseerd, zonder zich al te grote zorgen te maken over de constructie die nodig was voor die bijzondere, vaak holle en bolle vormen. Het gebouw was één geheel en niet een opeenstapeling van bouwlagen. Die eenheid werd ook bewerkstelligd doordat de architect aandacht had voor alles, van de vorm van het gebouw en de gevels tot het lettertype van de huisnummers en het meubilair aan toe. De rijke decoratie en de grote vormenrijkdom zijn de belangrijkste kenmerken van de Amsterdamse School. Kozijnen verschenen in vreemde (vaak onderhoudsgevoelige) vormen en het uitbundige metselwerk in verschillende verbanden moet een beproeving zijn geweest voor de metselaars. De stroming was uitgesproken individualistisch, naar het principe van "l'art pour l'art". Dat wil zeggen dat de architect als kunstenaar zijn stempel op het gebouw kon drukken zonder al te zeer te letten op de wensen van opdrachtgevers en toekomstige bewoners. Vanwege de persoonlijke stijlen van de verschillende architecten en de grote vormenrijkdom is het lastig om de bouwstijl precies te definiëren. Toch kwamen de ideeën samen in het tijdschrift Wendingen (1918-1931). Ook bij dit tijdschrift, dat overigens niet alleen over architectuur ging, stond de vormgeving op de eerste plaats. Het wordt wel beschouwd als het mooiste tijdschrift dat ooit in Nederland verschenen is. 

Paleizen voor arbeiders 
Het Scheepvaarthuis, gebouwd tussen 1913 en 1916 wordt wel gezien als het eerste bouwwerk van de Amsterdamse School. Hieraan werkte ook Michel de Klerk mee, de wellicht belangrijkste vertegenwoordiger van de stroming. Hij is de architect van één van de spectaculairste gebouwen die de school heeft voorgebracht:  Het Schip uit 1921. Het gebouw, waarin naast woningen ook een postkantoor plaats kreeg, werd zo genoemd omdat de vorm enigszins aan een schip doet denken. De Klerk kreeg de opdracht voor dit woonblok via de bemiddeling van Keppler, die zich als directeur van de Woningdienst hard maakte voor de nieuwe generatie architecten. Voor hem kon "niets schoon genoeg [...] zijn voor den werkman, die zooveel moet ontberen en zooveel geleden heeft". De korte en hevige bloei van de school valt te verklaren uit het feit fay er destijds enkele bevlogen leiders van de SDAP op belangrijke politieke posities zaten. Naast Keppler waren dat burgemeester J.W.C. Tellegen en wethouder van volkshuivesting F.M. Wibaut. De kirtiek op de hoge bouwkosten beantwoorde Wibaut met de uitspraak "al bouwt de heer De Klerk duur, hij bouwt niet te duur, want het werk van een buitengewoon kunstenaar kan dat nooit zijn".
Begin jaren twintig daalden de overheidssubsidies en kwamen er meer particuliere ondernemingen, die strengere eisen stelden aan architecten. Bovendien kwam Amsterdam met een aantal grootschalige uitbreidingsplannen zoals Plan Zuid en Plan West, waarin aandacht was voor het totale straatbeeld. De architecten van de Amsterdamse Schooll, die nog wel massaal werden ingezet, hadden door deze ontwikkelingen minder vrijheid dan voorheen en de architectuur werd een stuk soberder.  

(bron: “Wandelen buiten de binnenstad van Amsterdam”, Alex Buis, Uitgeverij Gegarandeerd Onregelmatig)

Amsterdamse School en ik
Geboren en opgegroeid in Amsterdam, kende ik natuurlijk de prominente gebouwen als Het Schip, het Scheepvaarthuis en straten in Zuid. Maar veel verder dan dat ik dit opvallende gebouwen vond, kwam ik eigenlijk niet (Ik heb zelfs nog eens als loketmedewerker op het postkantoor in Het Schip gewerkt, zonder me te realiseren hoe bijzonder dit wel was). Tot ik een boekje “op de golven van de stad” tegenkwam, die je aan de hand van diverse wandelroutes door Amsterdam leidt en ik vol verbazing constateerde dat er wel honderden gebouwen en zelfs bruggen en straatmeubilair in de Amsterdamse School-stijl zijn ontworpen! Kort daarna kwam ik al surfend op het de website Wendingen van Museum het Schip tegen, een platform voor iedereen die geïnteresseerd is in de Amsterdamse School. Daar heb ik veel gelezen en geleerd en inmiddels lever ik zelf ook regelmatig mijn bijdrage in de vorm van een beschrijving van een object in combinatie met foto’s.
Het fotograferen van Amsterdamse School-objecten werkt verslavend, de expressionistische vormen, metselverbanden en ornamenten vormen een onuitputtelijke inspiratiebron.

Op mijn website wil ik een selectie van mijn foto’s laten zien, ingedeeld op stad, wijk of specifiek gebouw wanneer het thema daar om vraagt. Meer foto's van of informatie over de objecten is te vinden op  www.amsterdamse-school.nl.
Klik rechts in het menu op een van de albums. Alle albums met een (klikbare) streep eronder zijn al gevuld, alle andere (niet klikbare) albums komen binnenkort. En kom regelmatig terug want de serie zal regelmatig uitgebreid worden!